Deze FAQ beschrijft de benodigde inrichting voor het Bouw pensioen in FlexService.
Benodigde gegevens
| Naam | Waarde | Opmerking |
| Naam leverancier | Onder deze naam worden de berichten ingezonden. Je mag hier zelf een naam kiezen (APG doet er niets mee), bijvoorbeeld de korte bedrijfsnaam. | |
| Leveranciernummer |
Hier vul je het leveranciernummer in dat je van APG heeft ontvangen. In FlexService kan slechts één leverancier-nummer ingegeven worden. Heb je meerdere werkmaatschappijen en heb je voor elke werkmaatschappij een apart leveranciernummer gekregen, dan dien je APG te verzoeken je werkmaatschappijen onder één leveranciernummer onder te brengen. |
|
| Startwaarde volgnummer |
Hier dient normalerwijze een 1 te staan. |
|
| FTP – gebruikersnaam | Om aangifte te doen via de beveiligde FTP-verbinding naar APG, dien je een gebruikersnaam en wachtwoord aan te vragen bij APG/BPF Bouw. | |
| FTP - wachtwoord | Wachtwoord dat je hebt gekregen na aanvraag bij APG/BPF Bouw | |
| Per werkmaatschappij met bouwverloning het aansluitnummer | Voor elke werkmaatschappij waaronder je bouwverloning doet, dien je een aansluitnummer van APG/BPF Bouw aan te vragen. | |
| Folder waar bouwpensioenberichten worden opgeslagen na het genereren. |
Ga in de FlexAdministrator naar Instellingen, Adressen en locaties en selecteer de instelling Bericht output. De instellingwaarde is de locatie waar berichten opgeslagen worden. Combineer deze locatie met de locatie die je vindt bij Instellingen, Adressen en locaties, Bericht Pensioen, instelling BPF Bouw: Folder Output Bericht Bedrijfs-pensioenfonds Bouw (BPF Bouw). De combinatie is de folder waar de bouwpensioenberichten worden opgeslagen. |
FlexAdministrator
In de FlexAdministrator dienen een aantal instellingen aangepast te worden. Het handelt hierbij om leveringspecifieke instellingen en instellingen die verband houden met de FTP-connectie naar APG; één van de manieren om een levering aan te leveren (zie Aanleveren BPF Bouwbericht aan APG).
Leveringspecifeke instellingen vindt je in Instellingen, Modules FlexService, Bericht, Tabblad &Pensioen. Selecteer het tabblad Instelling in het rechterdeel van het scherm. Zie onderstaand:
| Naam | Instelling | Opmerking |
| Is de subtab BPF Bouw in gebruik? | Ja, de subtab is in gebruik | |
| BPF Bouw: naam leverancier | Vul hier de eerder bepaalde naam van de leverancier in. | |
| BPF Bouw: nummer leverancier | Vul hier het eerder bepaalde leveranciernummer in. | |
| BPF Bouw: startwaarde volgnummer | Vul hier de eerder bepaalde waarde in. | Defaultwaarde is 1 |
| BPF Bouw: Premiepercentage nul toegestaan | Ja of Nee | Meestal staat dit op nee. [1] |
[1] Indien gewenst kan de volledige pensioenpremie door de werkgever worden gedragen. In dat geval zal er voor de werknemer een percentage van 0% zijn. Omdat er op de percentages wordt gecontroleerd is de instelling ‘BPF Bouw: premiepercentage 0 toegestaan’ beschikbaar.
De instellingen die verband houden met de FTP connectie naar APG vindt je in Instellingen, Koppelingen & Import, Bouwpensioen. Je dient het volgende in te stellen:
| Naam | Instelling | Opmerking |
| Bouwpensioen omgeving | Productie omgeving | |
| Bouwpensioen productie FTP gebruikersnaam | Vul hier de eerder bepaalde gebruikersnaam in. | |
| Bouwpensioen productie FTP URL | ftpes://mft.apg.nl:990 | |
| Bouwpensioen productie FTP Wachtwoord | Vul hier het eerder bepaalde wachtwoord in. |
Modellen
Er wordt onderscheid gemaakt tussen bouwplaatsmedewerkers en UTA-medewerkers. De bouwplaatsmedewerkers (BPM) zijn de mensen die daadwerkelijk bouwen, de UTA-medewerkers (Uitvoerend Technisch Administratief) is het leidinggevende en ondersteunende personeel.
Voor beide categorieën gelden verschillende pensioenpremiepercentages en moeten verschillende modellen gebruikt worden. In FlexService is het gebruikelijk om de UTA-percentages op te nemen in de Administratief/Medische modellen en de BPM-percentages in de Technisch/Industriële modellen.
Als dat nog niet gebeurd is, dan moet je de volgende componenten opnemen in de modellen waaronder je het bouwpensioen wilt verlonen (De twee rechter kolommen geven de naam van het deelfonds dat door APG/BPF Bouw gehanteerd wordt):
| Componentnaam |
Bouwplaatsmedewerker productnaam |
UTA-medewerker productnaam |
| grondslag bpf bouw | ||
| afwijkende grondslag bpf bouw | ||
| bpf bouw middelloon wg | Midloon Bouw wg | Midloon Bouw UTA wg |
| bpf bouw middelloon wn | Midloon Bouw wn | Midloon Bouw UTA wn |
| bpf bouw aanvulling 55 min wg | Aanv 55- Bouw wg | Aanv 55- Bouw UTA wg |
| bpf bouw aanvulling 55 min wn | Aanv 55- Bouw wn | Aanv 55- Bouw UTA wn |
| bpf bouw aanvulling 55 plus wg | Aanv 55- Bouwloon wg | Aanv 55- BouwUTA Salaris wg |
| bpf bouw aanvulling 55 plus wn | Aanv 55- Bouwloon wn | Aanv 55- BouwUTA Salaris wn |
| bpf bouw arb ong pensioen wg | AP Bouw wg | AP Bouw UTA wg |
| bpf bouw arb ong pensioen wn | AP Bouw wn | AP Bouw UTA wn |
Per premiecomponent dienen de jaarfranchise, het maximum jaarloon en het premiepercentage ingevuld te worden.
Regeling
Om te bepalen welke pensioenfondsen en –regelingen beschikbaar zijn in een contract wordt gekeken naar de regeling die is gekozen. Het pensioenfonds BPF Bouw en de onderliggende pensioenregelingen BPM en UTA zijn alleen beschikbaar als de CAO Bouwnijverheid is gekozen. Omdat het mogelijk is om eigen CAO’s/regelingen toe te voegen die tot eenzelfde CAO behoren, wordt voor het bepalen van CAO Bouwnijverheid gekeken naar de ‘Loonaangifte code’ van een CAO. Alleen bij ‘Loonaangifte code’ 10 zal pensioenfonds BPF Bouw met de onderliggende pensioenregelingen beschikbaar zijn.
Inkomstenverhouding
In het nieuwe bouwpensioenbericht is de inkomstenverhouding een belangrijk begrip. Het leunt dicht tegen een contract aan, maar is toegespitst op het bouwpensioen. Het begin van een inkomstenverhouding is gelijk aan de eerste werkdag bij een pensioenregeling, maar kan meerdere contracten overspannen (zie Figuur 1).
De inkomstenverhouding begint op het moment dat voor een kandidaat het bouwpensioen berekend moet worden. De ingangsdatum van de inkomstenverhouding wordt door FlexService bepaald aan de hand van de eerst gewerkte dag binnen een pensioenregeling. Blijkt dat een voorgaande inkomstenverhouding is afgesloten, dan zal een nieuwe inkomstenverhouding worden gestart.
De einddatum van de inkomstenverhouding is lastiger te definiëren. Als een kandidaat blijvend uit dienst gaat, dan is de einddatum de laatst gewerkte dag binnen de pensioenregeling. Als een kandidaat twee leveringsperioden van vier weken niet gewerkt heeft, dan wordt de inkomstenverhouding automatisch door FlexService beëindigt.
Voorbeeld inkomstenverhouding
Voor een bouwplaatsmedewerker geldt vanaf 17 april 2017 het bouwpensioen. Je kiest op het contract voor pensioenfonds BPF Bouw en pensioenregeling BPM.
Door de verloning van een declaratie op dit contract zal een inkomstenverhouding voor pensioenregeling BPM worden aangemaakt met als startdatum de eerst gewerkte dag.
In FlexService worden de inkomstenverhoudingen getoond bij de kandidaat in het tabblad Rechten (BO/FO) ondertab Pensioen.
Levert de kandidaat later een nagekomen declaratie aan en de gewerkte week ligt niet in de huidige of voorliggende pensioenaangifte periode, dan zal een nieuwe inkomstenverhouding worden gemaakt. Hierdoor kan het voorkomen dat een inkomstenverhouding met een oudere begindatum, in het hierboven getoonde BPM voorbeeld, 6 maart 2017 een hoger regelingnummer, 2, krijgt.
Contract
ContractWizard
Bij het aanmaken of wijzigen van een contract wordt in de stap afronding het pensioenfonds en eventueel de pensioenregeling opgegeven. Het pensioenfonds en de pensioenregeling zijn gekoppeld aan een contractversie. Alle declaraties verwerkt op de betreffende contractversie worden met de gekozen pensioenregeling verwerkt.
Het moeten opgeven van de pensioenregeling is afhankelijk van het pensioenfonds wat wordt gekozen en de instelling ‘De pensioenregeling in het contract moet overeenkomen met de berekende pensioenregeling.’ (FlexAdministrator > Instelling > Modules FlexService > Verloning > Controles). Als pensioenfonds BPF Bouw wordt gekozen, dan zijn de pensioenregelingen BPM en UTA beschikbaar. Wordt pensioenfonds StiPP gekozen en de bovengenoemde instelling staat op ‘Ja’ dan zijn de pensioenregelingen ‘Basisregeling’, ‘Geen regeling’ of ‘Plusregeling’.
Het pensioenfonds en de pensioenregeling die gekozen zijn, zijn zichtbaar in het contract op tabblad Arbeid.
Opmerkingen
0 opmerkingen
Artikel is gesloten voor opmerkingen.